8 mei 2016: 7e Zondag van Pasen
Handelingen 7,55-60 en Johannes 17,20-26, C-Jaar
VERKONDIGING
Het verhaal van de marteldood van Stefanus kan ons wat onrustig maken.
Immers … de doodstraf, het blijft omstreden.
Hoe vaak hoor je mensen niet zeggen … dat mensen die mensen vermoorden en verkrachten de doodstraf verdienen?
En wat moeten wij in onze tijd met verhalen over martelaarschap? Als wij goed proberen te doordenken wat de martelaarsdood betekent, dan stuit je toch onherroepelijk op praktijken die door IS en andere terroristische groepen worden gehuldigd?
En dan die methode waarmee Stefanus werd gedood We kennen het andere bijbelverhaal, over de overspelige vrouw …
Als je mensen hoort die in Palestina, in het Midden Oosten hebben gereisd, dan vertellen zij ons over dat volstrekt andere landschap. Een landschap waar de stenen overal langs de kant van de weg liggen. Zoals in onze streken overal voldoende hout voorradig was om mensen op de brandstapel dood te martelen.
Die laatste straf is misschien wel het sterkste teken van wat kan gebeuren als gemeenschap helemaal niet meer bestaat. Als mensen misdaden plegen zo groot dat zij niet meer in of van de wereld kunnen zijn.
Zo iemand plaatst zich buiten de gemeenschap en wordt verketterd en ‘dood’ verklaard.
Mensen doodverklaren … Jezus kon dat niet uitstaan.
Hij bidt tot de Eeuwige dat zijn volgelingen allen één mogen zijn, opdat de wereld zou erkennen dat God Jezus naar de wereld heeft gezonden om te laten zien dat liefde mensen bij elkaar brengt en gemeenschap kan vormen.
“Opdat de liefde waarmee Gij mij hebt liefgehad, in hen mogen zijn en Ik in hen”.
Eenheid … wat zou er gebeuren als wij Stefanus vragen hoe hij dat heeft beleefd. Was er sprake van eenheid in zijn parochie? Waren mensen werkelijk één van hart en één van ziel? En bezaten zij werkelijk alles gemeenschappelijk, zoals de Handelingen van de apostelen ons vertellen?
Stefanus was als diaken aangesteld in een van die eerste jonge gemeenten en een van zijn taken was het om leiding te geven aan het gemeenschappelijk leven, want er waren weleens onenigheden …
De weduwen en de buitenlanders voelden zich achtergesteld en de rijke mensen, zoals Ananias en Safira, hielden geld voor zichzelf achter, terwijl zij net deden alsof zij alles hadden afgestaan.
Maar er werd wel aan gewerkt in die jonge gemeente in een wereld waarin door de centrale overheid geen sociaal beleid werd gevoerd.
Samen bidden, samen brood breken en wat nodig was met elkaar delen. Die eenheid, daar bidt Jezus om, ook voor ons.
En laten we het eens vragen aan die jongeman die dan nog Saulus heet en instemt met de steniging van Stefanus; overtuigd als hij is dat christenen de gangbare orde bedreigen.
Later, als hij zich heeft bekeerd tot de leer van Jezus, schrijft hij aan een van zijn parochies over die eenheid: “Gij allen hebt U met Jezus bekleed. Er is geen sprake van Jood of Griek, van slaaf of vrije, van man of vrouw. Gij allen zijt immers één in Jezus.
In de afgelopen weken verhuisde het Ronde Tafelhuis van de Haendellaan naar de andere kant van het Wagnerplein. Onze vrijwilligers van het eerste uur, die 10 jaar gelden al de overgang moesten maken van een Driekoningenkerk naar een Ronde Tafelhuis waren ook nu weer vol in de weer.
Maar deze keer waren er ook anderen die sjouwden en hielpen:
Een paar Somalische mannen en vrouwen maakten schoon en sjouwden mee. Een van hen moest steeds even naar huis omdat zijn zwaar gehandicapte broer tijdelijk bij hem woont met zijn vrouw en vier kinderen.
Een Afghaanse man komt helpen met zijn zoon. Hij vertelde eens hoe hij nog iedere nacht wakker wordt uit een nachtmerrie die hem terugbrengt naar afgrijselijke dagen in Kabul.
Een Marokkaanse vrijwilligster van het spreekuur was intussen de hele week in de weer om Syrische vluchtelingen te helpen die in onze wijk zijn komen wonen en zich geen raad weten.
Jezus roept ons op tot gemeenschap, tot een gemeenschap waarin ruimte is voor Gods liefde een gemeenschap waarin gebed mag klinken, in welke mens, in welke cultuur dan ook.
Vandaag vertellen de lezingen ons tot tweemaal toe van een gebed. We horen de korte smeekbede van Stefanus om vergeving van zijn beulen: Heer, reken hun deze zonden niet aan.
De evangelielezing is één lang gebed waarin Jezus God vraagt dat allen één mogen zijn in Gods liefde.
Een gebed om eenheid, daar worden wij vandaag toe opgeroepen, ieder van ons zoals wij zijn, unieke mensen te midden van die andere 7,36 miljard die onze wereld bevolken.
Een gebed opdat het een beetje wil lukken, iets laten oplichten van die nieuwe wereld, waarin mensen elkaars broeders en zusters durven zijn.
Elkaar die vrijheid gunnen, hoe lastig dat soms ook is.
Straks stellen wij hier het teken van eenheid dat Jezus ons achterliet. We breken het brood en delen het met elkaar. Wat betekent dat als wij straks ons leven voortzetten buiten deze muren?
Welke raad zou Stefanus ons geven als wij hem morgen op straat zouden ontmoeten?
Hoe zou zijn gebed in onze wereld klinken?
Amen.
Thea van Blitterswijk, participant Norbertijnen

