Bidden

30 November 2014: 1e Zondag van de Advent, Oecumenische viering

Marcus 13,24-27 en Marcus 13,33-37, B-Jaar

VERKONDIGING

Bij het luisteren naar de lezingen van zojuist zullen velen van ons wat in verwarring zijn geraakt!
Immers … traditiegetrouw lezen wij allereerst uit het Oude Testament, dan volgt een tussenzang die vaak een psalmvertaling is om vervolgens, tijdens het zingen van het Alleluja, ons voor te bereiden op de Evangelielezing.
Vandaag ging dat anders … en dat was geen misverstand. Bij de voorbereiding van deze oecumenische viering bestudeerde onze werkgroep de lezingen, liet deze binnekomen en landen in ons hart en gevoel om vervolgens een keus te maken.

Zo werden wij vandaag al uitgenodigd om te gaan staan, bij het begin van de woorddienst. We luisterden naar enkele verzen uit het 13e hoofdstuk van Marcus, dan zongen wij samen psalm 85 om dan naar de volgende verzen uit het Marcusevangelie te luisteren.
Die keus is natuurlijk niet zomaar gemaakt. Niet omdat de werkgroep zomaar eens zin had om eens iets aparts te doen. Nee, met elkaar namen we de teksten van deze zondag door en probeerden die te plaatsen in het licht van de komende Adventperiode en in het kader van onze samenwerking als protestantse gemeente en katholieke parochie in Tilburg.

U zult wat in verwarring zijn geweest en misschien ook op uw hoede … “Wat gebeurt hier nu ??? …”
En dan die lezingen zelf … waarom spreekt Jezus hier van die onheilspellende woorden? “De zon wordt verduisterd, de sterren vallen uit de hemel en de hemelse machten zullen wankelen. En dan zullen we daar de Mensenzoon zien op zijn troon! God zelf zal komen en stuurt zijn engelen vooruit naar alle uithoeken van de aarde en de hemel!”
Dat is krasse taal uit de mond van Jezus die op weg is naar Jeruzalem!
En dan hoorden wij niet eens de eerste verzen van dat 13e hoofstuk: “Zie je daar die grote steenblokken en gebouwen? Geen steen zal meer op de andere blijven.”

In de afgelopen weken werd in kerken en kloosters, ook hier tijdens de dagelijkse gebedsmomenten in de Norbertuskapel, gelezen uit het boek Openbaring. Rampspoed en onheil dalen op ons neer als de Heer komt!
Maar de dag zal komen dat alles anders wordt. Het moment dat de Mensenzoon in alle glorie zal schitteren op zijn troon! Dus wees waakzaam … pas op dat je dan klaar bent, zorg dat alles in gereedheid is gebracht als God zijn plaats tussen ons zal vinden, zijn Zoon naar ons zal sturen als voorbode van de hemel op aarde.

Maar er gaat wél iets aan vooraf … God stuurt zijn Zoon niet zonder meer. “Als genade en trouw elkaar ontmoeten”, zo zongen we in de psalm, “dan omhelzen recht en vrede elkaar.”

Want uit de aarde bloeit de waarheid op …

Uit de aarde bloeit de waarheid op? Opnieuw verwarring om wat Jezus ons voorhoudt in zijn redevoering. Maar de Mensenzoon komt toch uit de hemel neerdalen?

Zo worden wij uitgedaagd om bij de woorden die vandaag klinken op onze hoede te zijn, om waakzaam te zijn, om niet te snel te denken dat wij het wel weten met elkaar.
Maar om wachtend en verwachtend deze vier weken van Advent in te gaan. Als symbool steken we een kaarsje aan op de Adventskrans, iedere week een erbij … tot alle kaarsen branden en wij Kerst kunnen vieren, het moment dat God zelf inbreekt in onze wereld.
Immers, hier moet het gebeuren,

Want uit de aarde bloeit de waarheid op …

God zal onze wereld binnentreden in de gedaante van een klein en kwetsbaar kind. En laten wij zorgen dat wij er klaar voor zijn als dat gebeurt. Van ons wordt verwacht dat wij waakzaam en actief zijn, niet om maar wat te gaan slapen en wachten tot het licht wordt. Het Adventwachten is actief, het vraagt om een volwassen houding van mensen die met beide voeten in de modder durven staan.

Als je goed kijkt dan zie je het gebeuren, mensen die overal ter wereld de handen uit de mouwen steken om recht en gerechtigheid te laten bloeien. Mensen die hun stem verheffen als mensenrechten worden geschonden, die zich actief inzetten omdat zij geraakt worden door het enorme leed dat Ebola aanricht en hele families en dorpen ontwricht.
Het gaat om mensen als zuster Katalin in Zsámbék, die kiezen en onvermoeibaar de overheid blijven aanklagen omdat men ouderen en zieken op straat laat staan, kinderen de kans op onderwijs ontnemen en zo toekomst blokkeren.
Hulp is nodig, op korte termijn, maar mensen als zuster Katalin laten zien dat er meer nodig is, onrecht aan de kaak stellen en onvermoeibaar vechten voor humaniteit.

En wijzelf? Iedere dag opnieuw moet je kiezen, vaak meermalen per dag: loop ik iemand voor bij of steek ik mijn hand uit? Draai ik mijn hoofd om als ik die zieke man tegenkom of stap ik erop af en maak een praatje? Kan ik geduld opbrengen om mijn buurman te bezoeken of om het kind van de buren te helpen met huiswerk?
Trouw ontkiemt als een zaad uit te aarde,

Want uit de aarde bloeit waarheid op …

Dat zijn troostrijke woorden, zo klein als een zaadje kan die gerechtigheid opbloeien, iedere dag weer. Gerechtigheid, goedheid, het gebeurt midden onder ons, overal waar mensen zich bekommeren om elkaar.
Soms gebeurt dat recht uit het hart, je hoeft er eigenlijk niet zoveel voor te doen. Dan bloeit gerechtigheid op uit de aarde, als zaad uit de koude grond.
Wij moeten zelf de keus maken als volwassen mensen. Wat kan ik bijdragen om dat waar te maken, wat kan ík hier doen en betekenen. Hoe sta ik ervoor als het Licht van Kerst onze wereld binnentreedt.

Ga er maar aanstaan!
Dat is wachten op het goede moment, dat is het wachten dat bij de Advent hoort. Niet slapen en angstig in een hoekje kruipen om te wachten tot God uit de hemel zal neerdalen om met ons af te rekenen.
Advent is waakzaam zijn, actief tot in alle vezels van je gemoed. Wachten tot het goede moment daar is. De hand uit steken naar de mens naast ons zodat we van elkaar weten: “Ik vind jou de moeite waard en ik zou je zo graag bemoedigen”.

Straks, na de overweging zingen we het prachtige lied:
” Ik zal in mijn huis niet wonen. Ik zal niet rusten geen ogenblik
tot dat ik de plaats heb gevonden waar de enige ware,
waar Hij die God is, wonen kan, midden onder ons”.
Is dat geen Adventslied bij uitstek?

Adventsmensen slapen niet, maar rusteloos wachten zij tot gerechtigheid klinkt tot in alle uithoeken van de aarde.
Amen.

Thea van Blitterswijk, Norbertijns participant