Bidden

28 januari 2018: 4e Zondag door het jaar

Deuteronomium 18,15-20 en Marcus 1,21-28, B-Jaar

VERKONDIGING

Goede zusters en broeders,

De 1e lezing op deze januari-zondag! Wat een verhaal, verschrikkelijk. Wat een totaal andere wereld. Mozes, de ons wel bekende leider van het volk, heeft contact met God. Hoe kan dat nu? Contact met God. Spreken met God, zoals je met een mens spreekt. Als God zelf al moeilijk voor de mens is: wie Hij is en hoe Hij is, dan is converseren met Hem voor ons totaal ongeloofwaardig.
Maar het wonderlijke van het verhaal is, dat God zelf ons komt helpen. Ik laat me zelf niet meer horen. Voortaan spreek ik door mensen, ik leg mensen mijn woorden in de mond. Mensen geven voortaan mijn opdrachten door.

De stem van God komt tot ons door mensen. Ik zal mensen tot mijn profeten maken, tot mijn woordvoerders. En dan vragen wij ons af: zijn er mensen te vinden, die goed genoeg zijn om Gods woord door te geven, om Gods woord te zeggen?

Het is gelukt. God vond iemand! De man uit Nazareth. Hij was op de Sabbath in het godshuis, in de synagoge. De mensen rondom hem waren buiten zichzelf van verbazing. Dit is een man die gezag heeft, deze man heeft iets te zeggen.

Dat was toen, in de synagoge van Capharnaum. Durven wij uit te roepen: deze Jezus is ook onze man? Vinden wij ook dat hij iets te zeggen heeft? God spreekt tot ons door deze mens. En het verhaal is daarmee niet uit. Deze mens wil dat wij dat – naar zijn voorbeeld – ook doen. Met woord en daad spreken namens God. Zijn we daarvoor naar hier gekomen? Een lesje in: spreken namens God.

Het is duidelijk dat daarvoor het beeld van de leermeester, het beeld van Jezus duidelijk moet zijn. Jezus van Nazareth. Niet de Bijbel brengt ons het licht. Maar Hij, Jezus. Hij is het Licht, de Weg en de Waarheid.

Zoals Gods Geest bij het begin van de schepping boven de chaos broedde, zo is Gods Geest in Jezus, om te scheppen, om harmonie te brengen. Zoals Mozes het volk bevrijdde, zo is Jezus de nieuwe bevrijder die het volk verlost en leidt naar het eer brengen aan God. Breng eer aan Hem, namens Wie ik spreek. Reken op zijn herderlijke, zijn vaderlijke zorg.

Maar de identiteit van Jezus is meer dan bidden. Meer dan eer brengen aan God. Christus moet nog meer doen in woord en daad in naam van God. God spreekt ook door Christus’ optreden, door zijn manier van doen. Christus is duidelijk als een nederige man, een man van vrede. In het beloofde land zijn geen wapens, en je ziet dat steeds meer mensen dit gaan inzien. In de nieuwe hemel, door Hem aangezegd, wordt de liefde niet gevierd door macht, maar daar heerst de macht van de liefde.

En Jezus blijft zeggen: Vader, vergeef het hun, want ze weten niet wat ze doen. Je moet niet 7 keer vergeven, maar 70 x 7 keer. Je moet met de arme, met de onterechte, met de vluchteling omgaan, zoals ik heb verteld in het verhaal van de Barmhartige Samaritaan. Ik praat tot jullie in naam van God als een nederige, als een vergevende, als een samenbindende, als een gekruisigde.

Dit is het karakter van Jezus. In het evangelie is Jezus geen man van veel of luide woorden. Kenmerkend is dat hij mensen geneest en bevrijdt van kwade en onreine geesten. Hij is heel dicht bij de mensen, mensen die het moeilijk hebben, die lijden, die zondigen, die misbruiken. Jezus spreekt hen vrij van zonde, brengt een verlamde op de been, laat een blinde weer zien. Echte menselijkheid, echte humaniteit is de grond van Jezus’ handelen en daarin komt het Rijk van God dichterbij. Geen wonder dat Jezus redder, bevrijder en verlosser heet en dat hij door dit handelen juist gezag heeft.

Zijn karakter is het woord van God. En als het ons bevalt, als het ons interesseert, neem dit karakter over. Doe als Hij, hier en nu. Doe als Hij, vandaag en morgen. En de Hemel zal opengaan.
Amen.

Wim Manders o.praem