27 november 2016: 1e Zondag van de Advent
Jesaja 2,1-5 en Matteüs 24,37-44, A-Jaar
VERKONDIGING
Goede zusters en broeders,
Let op: er is iets aan de hand! Een nieuw kerkelijk jaar! En … dat moeten we tegen elkaar zeggen. Het begint met de Advent. 4 lange weken naar Kerstmis! Vooral uit de mond van kinderen klinkt het:
het is weer Advent, het eerste kaarsje brandt.
Advent betekent: komen, aankomst. 4 weken om goed aan te komen bij het kerstkind.
Vandaag stellen we het reisschema vast en verzamelen we de nodige bagage voor onderweg en proberen we de juiste instelling te verwerven.
Weest waakzaam, horen we de man uit Nazareth zeggen! Waakzaam, alert. Het is een zeer moeilijke raad voor ons. Wij die het zo druk hebben, té druk. Geen plekje vrij in onze agenda. Maar, dat kan niet! Schrap eens wat door. Ruim wat extra tijd in. Hier en thuis. Tijd om je af te vragen, hoe staat het met mij? Ben ik wel klaar om iets nieuws, iets anders te beginnen? Heb ik wel zin in die reis naar Kerstmis?
Onze omgeving laat het al zien: Kerst in de winkels, extra licht in onze straten, eerste inkopen voor het feest. En dan nog wij zelf. Weest waakzaam, weest alert. Want:
het is weer Advent, het eerste kaarsje brandt.
Jesaja, de grote profeet van de Advent, keek om zich heen en wat zag hij: oorlog alom, men grijpt naar het zwaard. Men brengt schade toe aan het recht. Men laat armoede groeien. Het is, wat je ook vandaag ziet: de beschadigde woningen en flats in Syrië. De ogen vol vliegen van de arme kinderen in Afrika. De moeder die stiekem naar de voedselbank gaat.
Met Jesaja mogen, moeten we zeggen: ben niet bang of angstig. Zwaarden worden ploegijzers, voor de armen is er brood, voor de slaven vrijheid. Want God wijst ons de goede weg. Zijn woord is te vertrouwen. Zeg het vandaag tegen u zelf. Niet ik, niet Trump of Poetin, maar onze God brengt ons in het licht. Laten we toch bescheiden genoeg zijn om dit te erkennen. Want:
het is weer Advent, het eerste kaarsje brandt.
We waren in deze novembermaand veel bezig met de dood. Het hoort bij november. En als we elkaar bekijken, zijn er 3 soorten mensen:
Dood, af, amen uit en dan niets meer!
Vervolgens de twijfelaars. Er moet toch iets meer zijn, iets achter de dood.
En de 3e groep: ik ontmoette hen! Nog geen 50 jaar. En de dood stond voor de deur. Kanker at het lichaam op. Maar met heldere ogen: door de dood heen kom ik in Gods liefde. Mijn kleine meid! 5 jaar oud. Ze zei het al. Papa gaat op reis naar de hemel. Kan ik daar tegenin gaan? Op het eind van november durf ik het: liefde en leven zijn sterker dan de dood. Weg met de angst. Want:
het is weer Advent, het eerste kaarsje brandt.
Politici en filosofen proberen mij op te dringen: geloven is een privé-zaak. Het gaat mij alleen aan. Ik ontken dit liberale standpunt. Geloven doe je samen, geloven doe je voor elkaar, voor het heil van de wereld. Ik moet dus reisgenoten hebben tijdens deze adventstocht. Ik moet geraakt worden door de overtuiging van anderen en zelf moet ik – zij het bescheiden – getuigen van mijn eigen instelling.
Ik zou zo graag hopen en met u bidden, dat onze groepsverbondenheid sterker wordt en dat wij samen wat heil betekenen voor de mens in nood, waar ook ter wereld. En heel in het bijzonder bij de Norbertijner zusters van Zsámbék en bij de armen, die aan haar zorgen zijn toevertrouwd. Want:
het is weer Advent, het eerste kaarsje brandt.
Weest bereid, weest waakzaam als de Mensenzoon je tocht naar Kerst inspecteert. Het eerste kaarsje is een extra stimulans! En als het een keertje lukt, zul je met Kerstmis gelukkig en blij zijn.
Amen.
Wim Manders o.praem

