24-05-2015 (B) Pinksteren
24 mei 2015: Pinksteren
Handelingen 2,1-11 en Johannes 15,26-27;16,12-15
Goede zusters en broeders,
U hebt het zeker wel eens gezien: Hoe André Rieu met zijn viool duizenden mensen enthousiast tot zingen brengt. Ieder doet mee. Ongetwijfeld is er iets van massahysterie, maar er is zeker ook het gevoel iets met elkaar te hebben. Of onze eigen Guus Meeuwis, die over Brabant zingt op de Bossche markt. Ieder laat zich horen, ook hier iets van massahysterie, maar toch zeker ook het gevoel samen Brabanders te zijn, bij elkaar te horen: één familie.
En zo iets gebeurde nu, 2000 jaar voor Christus, toen het Pinksterfeest werd geboren. De Joodse gemeenschap kende in dit jaargetijde al een oogst-dankfeest. Jahweh, de Schepper danken voor de prachtige vruchten van onze aarde. Maar nu kwam er iets bij. Het Joodse volk was bevrijd uit Egypte. De tijd van de slavernij was voorbij. Een nieuwe tijd brak aan en Jahweh gaf zijn wet, zijn 10 wijze levenstips voor de toekomst. Mozes mocht dat mededelen aan het volk, en dan zegt de bijbel: Eenstemmig gaf het volk antwoord. Uit één mond riepen zij: alles wat Jahweh zegt, zullen wij volbrengen. En het werd één groot feest van dankbaarheid voor Gods wet. Misschien toen ook wel wat massahysterie. Maar tegelijkertijd liet het volk voelen, dat zij Gods volk waren, in innige verbondenheid met elkaar.
Het eerste Pinksterfeest. Ontstaan bij de berg Sinaï, Gods berg. De berg van het verbond. En voortaan zou het volk ieder jaar dit 1e Pinksterfeest herdenken. 7 weken na Pasen, de bevrijding uit Egypte. En dat tot op vandaag. Zouden er vandaag ergens massa’s zijn die God danken voor zijn zorg voor ons. Zou ergens een groep mensen blij en enthousiast zijn, omdat ze zich als één gemeenschap voelen. Een gemeenschap van Gods verbond. Zouden wij die gemeenschap kunnen zijn? Blij, met een lied, om God te danken voor zijn levenwekkende Geest.
Om ons op te peppen tot die vreugde gaan we even naar Pinksteren, het eerste Pinksteren na Jezus’ opstanding. Jeruzalem loop al vol. Van overal, zelfs van buiten de grenzen komen de Joden naar Gods stad, om net zoals toen, God te danken voor zijn Verbond. Het lijkt wel op een jaarlijkse kermis. Zo druk; zo veel; allerlei mensen. En in die stad zitten met gesloten deuren en ramen, de 11 leerlingen van Jezus met Maria in een bovenzaaltje bij elkaar. Zij deden wat Jezus had aangeraden: Bidden om het komen van de Geest. In die 7 weken voltrok zich de rouwverwerking, langzamerhand keerde iets van vreugde terug. Het feestelijke lawaai van buiten stimuleerde hen wellicht. En de bijbel spreekt over bijzondere tekenen. Vuur, wind, tongen uit heel veel verschillende monden. En weer horen ze Jezus, hun gestorven vriend, zeggen: Ik stuur dan de H.Geest. Hij zal U alles leren en U alles in herinnering brengen wat ik U gezegd heb.
Jezus, de Nieuwe Wet. Jezus, Gods mooiste levenstip. Jezus de man van dat ene gebod, de liefde. Vandaag op Pinksteren mogen wij God danken voor dit geschenk Jezus. De brenger van het waarachtige leven. En deze gedachte alleen al maakt de leerlingen blij en enthousiast. Ze gooien deuren en ramen open en willen hun vreugde delen met de massa’s in de straten. Een heel nieuw Pinksteren is geboren. En wij hier gedenken dat Pinksterfeest in Jeruzalem.
Het zal hier wel niet gebeuren, dat wij straks naar buiten hollen en op het plein van De Schans enthousiast roepen: Wij danken U God voor de Geest van Jezus voor wat Gij ons schenkt in zijn boodschap, voor alle wonderlijke dingen die gebeuren in zijn naam.
Ons past een grotere bescheidenheid! Op deze plek, in dit huis vertellen we over Jezus, die de Geest ons in herinnering brengt. Het blijde nieuws, ook voor de gebroken wereld van vandaag.
Vertellen over Jezus, omdat we het gevoel willen krijgen, het blijde gevoel, dat die Jezus, dat zijn woord en leven alles voor ons betekent. Roep al het leed, roep alle ellende van de wereld maar op. Maar ook alle vreugde: Jezus staat er tegenover, verlossend en in grote solidariteit.
Ik weet zeker, dat U ook niet verdraagt de tranen van kinderen, die honger hebben. Zet daar tegenover Jezus: uit medelijden bewogen zegt hij: Ik kan die mensen nu niet zonder eten naar huis sturen. En hij zorgde dat hun honger gestild werd. U gelooft toch ook niet, dat wij er zijn met een groeiende economie! U ergert zich ook aan de graaicultuur. Let op Jezus: zijn sympathie ging naar de arme Lazarus en niet naar de rijke vrek aan de sjieke tafel.
Ook U wordt mistroostig van de dagelijkse reportages van oorlog en geweld en dat nog wel in 2015.
Jezus zegt: In mijn levensvisie is het niet langer: oog om oog, tand om tand, maar de wereld wordt heel gemaakt door communicatie en onderlinge liefde.
Wat was Jezus bezorgd voor de zieke mens. Mijn zusje lag op sterven en ik zei: Jezus en Peerke Donders zorgen voor jou. Neen, zei ze: Zij maken me niet beter, maar – dat moet ik toegeven – ze zorgen wel dat ik niet bang ben.
God danken voor Jezus, de nieuwe wet, de nieuwe hoeder van het Verbond. Dat is Pinksteren. Men hem kan de wereld ook nu nieuw worden. Dat moet ons enthousiast maken, al is het maar in de stilte van ons hart.
Amen.
Wim Manders o.praem

