Bidden

21 oktober 2018: 29e Zondag door het jaar. Wereldmissiedag.

Jesaja 53,10-11 en Marcus 10,35-45, B-Jaar

VERKONDIGING

Een paar weken geleden mochten wij een hele week door Rome reizen, het meest fascinerend van zo’n bezoek zijn al die momenten dat je mag zijn op de plaatsen waarvan je voelt en ervaart dat daar de eerste Christenen bij elkaar kwamen.
Zij bouwden plaatsen van hoop in een wereld waarin het woord mensenrechten niet bestond, een wereld waarin een derde van alle mensen slaaf was gemaakt, waarin misdaad werd gestraft met steniging of erger, kruisdood.

Paulus bracht daar het verhaal van Jezus, de man uit Nazareth, die vertelde over een toekomst bij de Eeuwige, Enige God. God, de Schepper die de wereld in handen legde van zijn volk, bemoedigt en troost, bevrijdt uit alle vormen van slavernij en verdrukking. Zijn enthousiasme bracht mensen op de been en de verhalen van de 12 apostelen zijn door de kerk aan ons overgeleverd.
In een stad als Rome zie je dat in die groepen van eerste volgelingen van Jezus, bezielde, geestdriftige en heilig gemaakte vrouwen en mannen met elkaar optrokken om belangrijke taken van de kerk handen en voeten te geven.

Overal in verstilde en uitbundige kerken zijn zij te vinden, Priscilla, Prudenzia, Prassede, Dorothea, Helena’s en Maria’s. Krachtige vrouwen die het woord verkondigen en in daden van barmhartigheid Gods aanwezigheid in onze wereld zichtbaar en voelbaar maakten. Grote vrouwen én mannen die naast God tronen in de hemel, links en rechts van Jezus.

Het evangelie van vandaag laat ons een wel heel menselijke kant zien van de mensen die met Jezus rondtrokken en wat is dat verhaal herkenbaar! Een verhaal dat zonder meer op onze dagen kan worden geplakt.
Graag zien wij God als een God van oneindige liefde, maar in de verhalen die Lucas ons vertelt, leren we dat zijn boodschap, zijn opdracht ons hard kan confronteren met onze moeilijkheden, wie weet ook kan helpen om over onze eigen schaduw heen te stappen.

De apostelen stellen eisen aan Jezus, zij beginnen er een beetje in te geloven dat het goed gaat komen, dat Jezus koning zal worden in onze wereld, net als andere koningen en dat hij vast wel mannen en vrouwen nodig heeft naast zijn troon.
Mensen met een machtige positie als het eenmaal zover zou zijn. In de hele geschiedenis van de kerk, maar ook in onze wereld, zien we dat verlangen terug. Hoe graag denken wij niet dat wij onszelf groot moeten maken om gezien, geaccepteerd te worden. De werkelijkheid blijkt maar al te vaak anders.

Juist in de kleine daden van goedheid, van dienstbaarheid aan elkaar worden wij gezien als volgelingen van Christus, van de gezalfde God. Het dienaar zijn van Jezus, dienstbaar aan de maatschappij is bepaald geen gemakkelijke taak.
Hoe gemakkelijk is het immers om de ander niet serieus te nemen.
Hoe moeilijk is het om een stapje terug te doen en een ander ruimte te geven?
Hoe graag houden wij niet vast aan patronen die ons vertrouwd zijn, aan beelden die wij kennen en durven wij het niet aan om een stapje verder te zetten, een raam of deur te openen naar de wereld van vandaag.

In onze geschiedenis zien we hoe steeds opnieuw mensen de wereld introkken om met groot enthousiasme het goede nieuws te vertellen: Jezus vertelt ons van een wereld vol hoop en liefde, een wereld die komt bij God, maar vooral ook een wereld waaraan wij vandaag met elkaar moeten werken.

Op deze morgen, op deze ochtend van Wereldmissiedag, zijn hier op ons kerkplein twee bussen met gezinnen uit onze wijk vertrokken naar het Afrikamuseum in Berg en Dal.
Mannen en vrouwen, geboren uit ouders in Afrika, het Midden-Oosten en ons land. 90 Mensen gaan een kijkje nemen in een museum dat door onze missionarissen is ingericht. Een reis die mogelijk is gemaakt door giften van particulieren en een zeer betrokken fonds uit onze stad.

Missionarissen brachten het goede nieuws de wereld in. Onze Peerke is zo’n missionaris, zijn verhaal is ons bekend en volgende week vieren wij zijn feest.
Missionarissen, mannen en vrouwen uit onze stad vertellen ons verhalen over hun leven in de missie.
Hoe zij zijn ingegaan op de uitdaging om Gods woord in verre landen te vertellen. Zij vertellen ons ook van hun leerproces: hoe zij de kracht en waarden leerden erkennen van de culturen waar zij mee in aanraking kwamen.
Zij leerden ons dat onze werkelijkheid, onze wereld niet de enige werkelijkheid is, maar zij vertellen ons met respect over de mensen met wie zij werken en leven.
Zij vertellen over krachtige mensen, mannen én vrouwen, die initiatief nemen en zelf hun leven vormgeven.

In onze dagen komen mensen uit het Zuidelijk halfrond naar Europa. Het zijn die laatste missionarissen die ons vertellen dat het zichtbaar maken van Gods woord in onze wereld van belang is. Dat diaconale inspanningen, dienst aan de wereld, dienstbaarheid en barmhartigheid, de wegen zijn die wij moeten gaan.
Zij leren ons dat het kerkgebouw een plek is waar wij samen komen om elkaar te bemoedigen, te inspireren en vast te houden, om God te danken en elkaars kracht te zoeken en te bevestigen opdat Gods woord kan klinken in onze wereld.
Die missionarissen van toen en de missionarissen van nu, zij laten het ons zien.

Niet onze plek in de kerk of samenleving is belangrijk, maar dat wat wij doen om Gods liefde zichtbaar en voelbaar te maken, om onze wereld een stukje beter te maken, om Gods nieuws te blijven verkondigen, ieder op de manier die het best bij hem of haar past.
Dan zal het vast wel goed komen met ons plaatsje naast God.
Amen.

Thea van Blitterswijk, participant Norbertijnen