20 november 2016: Christus Koning
2 Samuel 5,1-3 en Lucas 23,35-43, C-Jaar
VERKONDIGING
Zo in de loop van het jaar komen via de televisie en de krant nogal eens vragen bij ons binnen: of wij mensen willen voordragen voor de een of andere verkiezing. De beste organisatie, de mooiste muziek, de beste artiest, de grootse zanger of de beste taartenbakker, de meest invloedrijke politicus en ga zo maar door.
Op televisie kun je ze allemaal volgen die programma’s … wie maakt de lekkerste soep, wie zingt het mooiste deuntje of wie is het slimst van iedereen. Een jury buigt zich dan over de kandidaten en beoordeelt al die voorbereidingen en inzet ten overstaan van het hele land.
Vaak kan ieder die dat wil, met een sms meestal waar je extra voor moet betalen, een stem uitbrengen. Soms komt de vraag in je op voor wie die prijzen en titels nu eigenlijk zijn bedoeld: voor de organisatie die het uitroept of voor de kandidaat die zich inspant om de beste te zijn. De beste, de belangrijkste, de meest invloedrijke zijn en dan op een troon gezet worden. Een verlangen dat overal klinkt en heel menselijk lijkt.
In onze gezinnen voelen we al hoe belangrijk het voor kinderen is om door pappa en mamma gezien te worden, om heel dichtbij te staan en zo als mens omhoog getild worden. En de meeste vaders en moeders willen dat ook, hun kinderen laten voelen dat zij belangrijk zijn, ieder van hen.
Dat je een plaats hebt in onze wereld, op school en in alle verbanden die op je levensweg komen.
Ook leidinggevenden in organisaties kennen dit verlangen. Mensen omhoog tillen zodat zij met zin en enthousiasme hun werk doen en zo niet alleen van hun eigen leven, maar ook van hun werk in het ziekenhuis, het onderwijs, het bedrijf, het staan in de kerk, een succes maken.
Waar dit niet gebeurt, waar mensen niet tot hun recht kunnen komen, raken velen teleurgesteld en haken af.
Koninklijke mensen zijn mensen die vertrouwen durven schenken, want gezag krijg je nu eenmaal niet zomaar, maar moet je verdienen door de juiste weg te tonen, door zelf voorbeeld tot leven te zijn. En veel sneller dan het winnen van vertrouwen, zijn wij het weer kwijt.
Maar als gezag benauwt dan kan verzet groeien. Daarom bewandelde Jezus een andere weg. Harten veroveren, voor mensen opkomen, niemand minachten. Geen mens te veel of te min laten zijn … Dat is de weg van zijn koninkrijk.
Een weg die door velen als gevaarlijk wordt gezien. Veel liever zoeken zij zondebokken en komen met makkelijke oplossingen. Ook David werd als staat gevaarlijk gezien. Maar ondanks alles werd hij tot koning gekroond, omdat hij dienaar wilde zijn, omdat hij zijn volk wilde hoeden.
In onze wereld van vandaag vieren wij in onze kerken dat feest van Christus Koning. Als mensen ons vragen wat voor feest dat is, dan is dat nog niet zo gemakkelijk uit te leggen. Jaren geleden vroeg ik het eens aan een oudere pastor en die vertelde: “Dat feest van Christus Koning heeft mij nooit zo beziggehouden, dat is vooral een hoog kerkelijk feest dat heel ver weg staat van gelovige mensen. Waarschijnlijk zou Jezus zelf het afschuwelijk hebben gevonden. Veel belangrijker, zei die pastor, is iedere dag opnieuw de vraag wat voor ‘volgeling’, wat voor onderdaan wij van Jezus zouden willen zijn.”
Dan wordt die vraag een uitdagende vraag: “Wie is koning voor ons? Naar wie wil ik opkijken? Wie wil ik omhoogtillen en op de troon zetten?”
Zijn dat de prijswinnaars van televisieshows? Mensen die proberen anderen tot zondebok te maken?
Of denken we juist aan al die gewone mensen die er iedere dag opnieuw het beste van maken?
Leidinggevenden in organisaties die steeds opnieuw bereid zijn hun medewerkers een nieuwe kans te geven? Vaders en moeders die hun verloren gelopen kind of kleinkind, opnieuw opnemen in de kring?
Denken we aan al die mensen die in het dagelijks leven aandacht geven aan mensen die niet zonder onze zorg en aandacht nodig hebben? Die op zoek gaan naar hulp voor een zieken? Die mensen taalles geven? Die zich inzetten voor bijstandsmoeders met grote gezinnen? Mensen die iedere week weer de mouwen opstropen om ons kerkhof schoon te houden. Mensen zijn tot veel instaat, proberen elkaar omhoog te halen en omhoog te tillen.
Jezus roept ons op om ons mens zijn op een andere manier vorm te geven. Aan het kruis nog geeft hij de man die naast hem is een nieuwe kans. Zo is koningschap: niet zweren bij wat groots en indrukwekkend is, niet zuchten bij wat moeilijk en onmogelijk lijkt. Maar omkeren en je iets laten gezeggen door al die kleine tekenen die ons vertellen dat mensen in staat zijn om te doen waar Jezus ons toe heeft opgeroepen: in heel zijn doen en laten riep hij op om andere verhoudingen te scheppen.
Koning zijn in een wereld waarin gewone mensen vol van goede wil op de eerste plaats staan. Koningschap voor een wereld waarin mensen leven met enthousiasme en betrokkenheid. Een wereld waarin mensen elkaar om hoog tillen, precies zoals Jezus, als een ware Koning, ons dat heeft laten zien.
Amen.
Thea van Blitterswijk, participant Norbertijnen
Pastor Parochie Heikant-Quirijnstok

