17 september 2017: Vredeszondag
Sirach 27,30-28,7 en Matteüs 18,21-35, A-Jaar
VERKONDIGING
Ik dacht bij mijn voorbereiding van deze verkondiging, dit is een makkie!
Vredeszondag, sinds 1967 staan we hier bij stil, alles zal toch inmiddels wel gezegd zijn. De zesdaags oorlog uit 1967 is onderhand geschiedenis geworden. Maar het leven van alle dag in de Palestijnse gebieden laat iets anders zien. Vrede is dan een moeilijk woord.
2017, vandaag 17 september, Vrede?
Durf het bijna niet uit te spreken, lijkt wel een utopisch woord, een woord van een andere wereld.
Op internet hebben wij een conflictenteller. Dit programma registreert voor ons de conflicten in de wereld. U weet wel die grote conflicten, ver van ons bed. Die conflicten waarvan wij schande spreken. ”Het zou toch niet mogen, het zou toch niet kunnen.” Dit zijn er 53 op dit moment.
De iets kleinere conflicten worden niet geregistreerd door de conflictenteller op internet. Dan hebben wij het over: bomaanslagen in ons openbare leven, martelingen niet zover weg, van verbanningen uit jouw land, van het er niet mogen zijn!
En we tellen met de conflictenteller zeker niet hoe het tussen mensen onderling is. Gewoon één op één. Dan zou de conflictenteller radeloos zijn, niet bij te houden al die conflicten in de wereld. Dan is één vredesweek echt te weinig.
Maar ik kan eigenlijk wel goed met al die conflicten omgaan. Ze zijn niet bij mij in huis, niet in mijn straat, niet in onze stad en zelfs in mijn land is het nog rustig.
Dus die Vredesweek daar kunnen wij wel mee stoppen.
Totdat ik mij realiseer met wie ik tegenwoordig samenwoon. Ik leef met mensen die een andere ervaring hebben, waarvoor onze 40-45 herinnering een herinnering van alle dag is.
Afgelopen week ontmoet ik 2 Syrische mensen in Tilburg Noord. Gevlucht en nu “thuis” in Tilburg Noord. Ze zijn onze buren. Ze komen uit Aleppo, 2,7 miljoen inwoners of uit Damascus 1,7 miljoen inwoners en wonen op een kamer in Tilburg Noord. Mensen met een verhaal, een verhaal over een conflict, een verhaal over oorlog, een verhaal waar het woord vrede niet in voorkomt. Waar vergeten en vergeven moeilijk is.
En ze stralen, ze zijn blije mensen, ze laten mij een beetje toekomst zien. De wereld is niet slecht.
En dan onze God!
Verhalen worden ons voor gehouden van hoe wij zouden moeten zijn. Vergevingsgezinde mensen, mensen met een open hart en handen. Mensen die de beweging maken naar elkaar toe, alsof wij Godsmensen zijn.
Prachtig maar mij lukt het niet altijd. Ik probeer het oprecht maar schiet vaak in de fout. Heb dan een ander nodig die mij helpt, heb een ander nodig die mij even klein laat zijn.
Want buigen voor het leven is buigen voor God.
God van mensen, steeds opnieuw kunnen wij leren, leren van het goede, ervaren dat het anders kan.
Door te buigen maak ik mij kleiner, verdwijnt de ander ogenschijnlijk even uit het zicht, zie ik mij zelf met gesloten ogen. En ja ik kan de beweging maken, ik kan de hand uitsteken naar de ander, ik kan vergeven, ik kan de hand uitsteken naar God.
Petrus vraagt aan Jezus, ”hoe vaak moet ik het hem vergeven, zevenmaal?” En Jezus antwoordt: “nee zeventig maal zeven”. Bijna het onmogelijke voor een mens en toch is dat het antwoord wat Petrus krijgt.
Blijf als mens gericht op de ander en vergeef, maak nieuw leven mogelijk zoals God voor ons het mogelijk maakt. Niet in het grote maar meestal in het kleine kunnen wij Hem herkennen.
Die Vader, die Moeder, die God van ons mensen.
In het Onze Vader bidden we iedere keer: vergeef onze schulden zoals ook wij onze schuldenaren vergeven. Het is geven en krijgen. Het is je hart openstellen, is het vertrouwen hebben in de ander wetend dat onze God altijd groter is dan wij ons kunnen denken.
Daar kunnen wij altijd terecht, wat we ook gedaan hebben.
Even op de achterste bank of het aansteken van een klein kaarsje van 50 cent. Gewoon er even zijn, met stille woorden. Om daarna weer weg te zijn in het leven van alle dag waar wij anderen ontmoeten.
Waar wij fouten maken en buigen en opnieuw beginnen, telkens weer omdat wij weten dat we altijd thuis mogen zijn bij Hem.
Amen.
Jan Claassen, participant Norbertijnen

