Bidden

15 maart 2015: 4e Zondag in de Veertigdagentijd

2 Kronieken 36,14-16.19-23 en Johannes 3,14-21, B-Jaar

VERKONDIGING

In de afgelopen weken hebben onze kosters en vrijwilligers, wanneer de hoogwerker voor het schilderwerk weer van het altaar was gehaald, hier boven ons het hongerdoek opgehangen en daarmee een heel oude traditie in onze kerken mogelijk gemaakt.

Al in de vroege middeleeuwen was het de gewoonte dat een zogenaamd vastengordijn werd opgehangen zodat het kruis en altaar aan het zicht waren onttrokken.
Zo immers, zouden de kerkgangers zich beter kunnen concentreren op dat waar het in de Veertigdagentijd om zou moeten gaan: Vasten en bezinning om tot inkeer, tot ommekeer te kunnen komen.

Ook in onze tijd is die traditie nog levend, maar met een eigen invulling. De doeken worden gemaakt door kunstenaars van het zuidelijk halfrond. Mensen die van binnen uit weten en ervaren dat de verdeling van welvaart op onze aarde misschien niet helemaal goed is verlopen.

Vandaag willen we ons licht eens wat extra laten schijnen op het hongerdoek van dit jaar. Een doek gemaakt door Lucy d’Zouza, een kunstenares uit India. Zij zoomde in op zes verhalen uit de Bijbel, waarin vrouwen centraal staan. Vrouwen die zich inzetten voor een betere samenleving.
Vandaag hoorden we het verhaal van twee vroedvrouwen, Sifra en Pua. Zij leefden in Egypte, het land waar de joden in slavernij leefden. Vrouwen die weigerden om in te gaan op het bevel van de koning. Zij kregen opdracht om joodse jongentjes meteen na de geboorte te doden, maar kozen voor het leven, en volgden het bevel niet op.
Geen kind lieten zij verloren gaan!
God zegende het werk van deze Egyptische vrouwen en maakten het mogelijk dat het joodse volk nakomelingen kon hebben.

Als we dan luisteren naar het evangelie van vandaag, vertelt Jezus ons hoezeer God de wereld lief heeft, hoezeer God het licht wil laten schijnen over het oprechte handelen van mensen.
‘Wie oprecht handelt zoekt het licht op’, zo zegt Jezus. En dan kan zichtbaar worden dat God werkzaam is in al wat hij doet.

Steeds opnieuw gaat het om vrouwen die kiezen voor het leven, verhalen die in het perspectief worden geplaatst van het leven in India.
Als norbertijnse gemeenschap kennen wij een bijzondere betrokkenheid bij dat immens grote land. Arockiadoss, sinds een jaar lid van onze gemeenschap hier in Tilburg, verblijft op het moment in India, waar twee weken geleden een nieuwe abt werd gekozen. En uit zijn mond komt het leven in dat land wel heel dichtbij.

Veel berichten die wij horen over India leren ons hoe tegenstrijdig het leven daar is. Zo kent men nog de heilige koe, maar is het leven van mensen weinig waard.
We horen hoe vrouwen overal in dat land, gebruikt worden, uitgehuwelijkt, in slavernij gehouden en op gruwelijke manieren seksueel misbruikt.
We horen hoe mannen, hun kinderen als nieuwe slaven leven onder de meeste ellendige omstandigheden in fabrieken en werkplaatsen.
Kijkend naar een land als India, leer je dat slavernij nog lang niet is afgeschaft of overwonnen.
Voor heel wat kinderen geldt dat onderwijs, een gevulde maag en een dak boven het hoofd absoluut niet vanzelfsprekend is.

Maar God laat ook hier zijn licht schijnen over het handelen van mensen, wonderen gebeuren er, iedere dag opnieuw, waar mensen zich inzetten om de levensomstandigheden op die plaatsen te verbeteren.
In het hele land zijn mensen werkzaam om de leefomstandigheden te verbeteren. In de Godavarikolonie zijn norbertijnen actief om de leefsituatie van deze kinderen, mannen en vrouwen, te verbeteren.
Je kunt je voorstellen wat een geploeter het moet zijn voor de mensen die daar werken, als zij met de overheden moeten onderhandelen over het aanleggen van verbeterd sanitair, scholen die starten, gezondheidsposten.
Nadruk ligt in dat gebied op het onderwijs voor de kinderen, want daar ligt een basis voor toekomst.
Scholing kost geld, boeken, leermiddelen, schoolgeld, docenten in India hoort dit niet tot de eerste, maar tot de laatste levensbehoeften. Iets wat wij ons nauwelijks voor kunnen stellen.

Vandaag luisteren wij naar het verhaal van Sifra en Pua, twee vroedvrouwen die werkten in onmogelijke omstandigheden. Onze Indiase norbertijnen en hun medewerkers doen het zelfde, toekomstkansen bieden in een situatie die hopeloos lijkt.
Want ook voor hun geldt: Onder Gods licht, mag geen kind verloren gaan!

Hun werk verdient dan ook onze steun en als norbertijnse parochies in Heeswijk Dinther, Loosbroek, Berlicum Middelrode, Engelen, Bokhoven en de Abdij van Berne, hebben wij de handen ineen geslagen …
Samen sterk immers en met elkaar kunnen wij misschien iets van Gods licht laten schijnen vanuit een heel klein stukje aarde in dat andere, hele kleine stukje aarde daar in het verre India.
God heeft immers niets anders, dan onze wil tot oprecht handelen en onze handen.

Amen.

Thea van Blitterswijk, Norbertijns participant

Slotgebed uit India

Geef mij de kracht om mijn vreugde en mijn verdriet te dragen.
Geef mij de kracht om mijn liefde vruchtbaar te doen worden
als ik handel uit oprechte betrokkenheid.
Geef mij de kracht om nooit de armen te verachten,
om mijn knie te buigen voor brute macht.
Geef mij de kracht om mijn gedachten ver te verheffen,
boven de kleinigheden van alle dag.
Geef mij de kracht om dat wat ik kan
liefdevol te onderwerpen aan uw wil.
Amen.