Bidden

12-07-2015 (B) 15e Zondag door het jaar

12 juli 2015: 15e  Zondag door het jaar

Amos 7,12-15 en Marcus 6,7-13, B-Jaar

VERKONDIGING

De beide lezingen Amos en Marcus geven aan wat we vandaag nodig hebben. Die boodschap van Jezus wordt dezer dagen door velen nu niet meer gehoord. De kerkgebouwen blijven immers leeg. Zij die wel komen – u en ik – wij vragen ons af hoe dat toch zou komen? Een antwoord kan zijn, dat onze boodschap niet meer helder klinkt in onze samenleving.
 
Vandaag worden we er nadrukkelijk op uitgestuurd om het goede nieuws te laten klinken. Op zijn rondreis door verschillende landen in Latijns Amerika heeft Paus Franciscus het nut en het waarom van zo’n boodschap bij herhaling aan zijn gehoor voorgehouden.
Wat is eigenlijk die goede boodschap? Wat hebben we te brengen bij mensen? Wat is onze levenshouding? Op deze vragen hebben de beide lezingen van vandaag ons iets te leren.

Wij sjouwen in ons leven heel wat mee aan gewoonten, tradities. Soms is die ballast zo nadrukkelijk aanwezig dat we nog maar nauwelijks aandacht hebben voor iets nieuws dat zou kunnen komen. Van ballast kun je je in menig voorval maar het beste ontdoen. Wat we wel meenemen voor onderweg is: voldoende Godsvertrouwen, geloof als een stok om op te steunen, sandalen die ons in de richting van bevrijding doen gaan en een reisgenoot om staande te blijven en het uit te houden. Dus niet te veel – en zeker niet onnodige – bagage meenemen. Zonder die overtollige ballast kunnen we ons vrijer bewegen. We hoeven dan geen spullen te bewaren en te bewaken en zo komt er meer tijd om veerkrachtig op weg te gaan en onderweg te zijn.

Het oude verhaal van de Uittocht formuleert het ook zo. Op de avond van het vertrek eten de Joden haastig: met een stok in de hand en de sandalen aan de voeten, helemaal reisklaar. Al het andere ontvang je onderweg: brood uit de hemel, water uit de rots en richtingwijzers (Tien Geboden) van God. Het heeft er veel van weg dat Jezus zijn leerlingen eigenlijk precies hetzelfde voorhoudt als eertijds God deed aan zijn volk: ‘Vertrouw me nu maar en ga op weg’. En de leerlingen gaan met God en in goed vertrouwen.

Wat hebben de leerlingen bij zich? Een staf om wilde dieren van zich af te houden, zich te beschermen tegen gevaar en op te steunen bij vermoeidheid. Een stok als handig hulpmiddel voor onderweg dus. En de staf heeft nog een andere nadrukkelijke functie: ze staat symbool voor de opdracht richting te wijzen. En dan de sandalen aan de voeten: ze staan symbool voor de weg die leidt naar vrijheid, bevrijding, naar Pasen. En wil dat niet zeggen dat de dood niet het einde is, dat duisternis altijd zal worden doorbroken en dat er aan het einde van de tunnel licht schijnt, nieuw licht, met nieuwe mogelijkheden.

En er wordt ook nog aangegeven: twee aan twee gaan ze omdat God aanwezig komt waar er twee of meer bij elkaar zijn en omdat de getuigenis van twee meer waarde heeft dan het getuigenis van een. Om elkaar tot steun te zijn en op te beuren. Twee aan twee dus met God en met Gods vertrouwen, met en stok en met sandalen. En wat ontzettend belangrijk is … die twee staan niet alleen. Ze maken deel uit van de twaalf apostelen en een gemeenschap.

Wij, zoals we hier bij elkaar zijn, maken deel uit van de geloofsgemeenschap van de norbertijnerparochie van Heikant – Quirijnstok. Indachtig de boodschap van vandaag zouden we mogen zeggen: Jezus zendt ons vanuit onze geloofsgemeenschap twee aan twee naar anderen om zo te doen, om zo te spreken en zo te zijn. We worden uitgenodigd en uitgedaagd om op deze wijze ons gelovig onderweg zijn kracht bij te zetten en inhoud te geven. En dat ‘twee aan twee‘ hoeven we natuurlijk niet letterlijk te nemen: we maken deel uit van een plaatselijke geloofsgemeenschap, van een parochie.

Vanuit dit noordelijke stukje Tilburg hebben we een opdracht, een missie. Deze tijd is anders dan vroeger. En daarmee wordt dan zeker niet bedoeld dat vroeger verkeerd of slecht zou zijn. Bij een nieuwe opdracht hoort altijd afscheid, afscheid nemen van wat achter ons ligt. Dat afscheid nemen doet een beetje pijn, maar zonder afscheid te nemen komen we aan onze missie niet toe, kunnen we niet op weg gaan, kunnen we geen nieuwe toekomst tegemoet treden.

Gelukkig hoeven we niet alleen te gaan maar als deel van een groter geheel: twaalf, honderd, soms meer, soms minder: mensen die met ons optrekken. Mensen met wie we ons verbonden voelen en onze idealen delen, mensen die ons dragen en die wij dragen. Dat lijkt me is de gekregen zending concreet invullen en houden.

En wat die zending betreft als de kern van Jezus boodschap: komt dat niet neer op … aandacht hebben voor wie minder is, klein en niet in tel. God nodigt door Jezus ook mij uit, om te zien naar mensen die leven aan de rand. Mijn zending is het om mensen aan de rand van de samenleving op te nemen. Het gaat er om mensen die onvrij zijn, hun vrijheid terug te geven en iedereen te laten horen dat zij erbij horen. We hebben ons leven immers niet gekregen om het voor onszelf te houden, maar om het te geven, te delen met anderen.
Amen.

Denis Hendrickx o.praem
Abt van Berne