21 en 22 september 2019: 25e Zondag door het jaar

Amos 8,4-7 en Lucas 16,1-13, C-Jaar

VERKONDIGING

Beste Zusters en Broeders in Jezus Christus,

Malala Yousafzai, een Pakistaanse vrouw, strijdt voor onderwijs aan vrouwen in haar land en overleefde een aanslag door de Taliban. In 2014 heeft zij op 17 jarige leeftijd, als jongste vrouw de Nobel prijs voor de vrede gekregen.
In haar toespraak zei ze:
Ik had twee opties:
de Taliban tegenspreken en door hen gedood worden

of … zwijgen en mijn eigen leven veilig stellen.
Ik koos voor het eerste.

In de lezingen van vandaag horen wij: Jullie kunnen niet God dienen en de mammon. Mammon is een Aramees woord en betekent ‘Rijkdom’.
Met andere woorden: Jullie kunnen niet ‘God en Rijkdom’ gelijktijdig dienen. In deze viering geeft God ons twee opties en laat ook ons kiezen voor één van de twee: ‘God of Rijkdom’.

In de eerste lezing horen wij vandaag dat de profeet Amos tekeer gaat tegen de rijken van zijn tijd. De armen werden zo de speelbal van de rijken. Het waren alleen de rijken die ervan profiteerden, de handelaren bijvoorbeeld die op schandelijke wijze hun winst vergrootten en het arme volk uitbuitten.
Hun handel is oneerlijk: ze verkleinen de korenmaat, verhogen de prijs, vervalsen de weegschaal. Met geld maken ze de armen tot slaaf, ze kopen de armen op voor de prijs van een paar schoenen.
Rijken die steeds rijker worden ten koste van de armen.
De profeet Amos maakt een zware aanklacht tegen het sociale onrecht en hij veroordeelt de onrechtvaardige rijkdom in zijn tijd.

In de evangelie lezing van vandaag horen wij het verhaal over een Rentmeester. Rijke mensen stelden een rentmeester aan als beheerder van hun bezittingen en kapitaal. Een soort financieel manager. Zo’n manager heeft twee eigenschappen nodig: hij moet betrouwbaar en creatief zijn. Betrouwbaar: het geld is immers niet van hem. Creatief: hij moet ervoor zorgen dat het kapitaal van zijn baas groeit.
Wij horen ook dat de Rentmeester niet zo goed met zijn rechten en plichten omgaat. Dat is voor de rijke man, de eigenaar, reden om hem ter verantwoording te roepen en hem zelfs uit zijn functie te zetten. De rentmeester wil voorkomen dat men negatief over hem gaat praten, daarom probeert hij met zijn creativiteit de arme schuldenaars gunstig te stemmen door hun schuldbekentenissen te wijzigen. Hij herstelt de schuldbekentenissen in de originele staat. Hij had namelijk voor zichzelf een toeslag toegevoegd.

De rentmeester was aanvankelijk creatief en betrouwbaar voor de rijke man, zijn baas, ten koste van de armen. Maar later gebruikte hij zijn creativiteit en betrouwbaarheid voor de armen, ten koste van de rijke man, zijn baas.
Met andere woorden aanvankelijk diende hij de rijkdom, later diende hij God.

Wij lezen in Marcus 12 vers 28-34 over de twee grootste geboden in de wet:
“Heb de Heer, uw God, lief.” en
“Heb uw naaste lief als uzelf.”
Dezelfde Jezus die sprak over de twee belangrijkste geboden zegt verder in Matteüs 25 vers 40:
“Al wat gij gedaan hebt voor een dezer geringsten van mijn broeders hebt gij voor mij gedaan.” Hiermee bedoelt Jezus dat naastenliefde het allergrootste, allerbelangrijkste gebod is.

De rentmeester in het evangelieverhaal van vandaag, dient met zijn creatief boekhouden de armen om hen tot vrienden te maken, en kwam zo dichter bij de armen, dichter bij God, dus dient hij God.
Daarom keurt Jezus in het evangelie de handelwijze van de rentmeester goed.

Wij begrijpen door deze bijbel verhalen dat Jezus ons wakker wil schudden om met open ogen en open hart te leven. Je kunt het ook zó voorstellen: Grijp de kansen die je worden geboden om goed te doen, spreek je energie, je verstand en je hart aan, om mee te bouwen aan een betere wereld.

Wat je in ieder geval van die rentmeester kunt zeggen is: hij voorziet zijn ontslag en hij neemt vast maatregelen daarvoor. Zijn denken en doen liggen op één lijn.

Wij komen ´s zondags samen. Dan houden wij ons voor, dat er een wereld gaat komen van alleen maar vrede en gerechtigheid. Wij zeggen ook dat we daarin geloven, maar geloven we daar ook in?
Wat je hoopt, waarin je gelooft, wat je wilt: daar vinden we meestal wel wegen voor.
Als volgelingen van Jezus zeggen wij: de vrede des Heren zij altijd met U, en wij antwoorden: en met uw geest. Maar menen wij dat ook van harte? Of zeggen we dat maar zo? Als dat laatste het geval is, dan valt te begrijpen dat er nog geen vrede is tussen ons.
In het Onze Vader gebed bidden wij: Vergeef ons onze schulden, zoals ook wij vergeven aan onze schuldenaren. Zeggen we dat alleen maar of bedoelen we dat ook?
Als we het alleen maar zeggen, dan zijn wij geen volgelingen van Christus. Maar als we echt menen wat wij zeggen: dan moet dat duidelijk zichtbaar zijn in ons dagelijks leven.
Een liturgie is mooi als je op maandag doet, wat je op zondag hebt gezegd.

Beste zusters en broeders in Jezus Christus,

Malala Yousafzai had gekozen voor het goede doel, ‘de rechten voor onderwijs aan vrouwen in Pakistan’ en heeft de harten van veel mensen gewonnen.
Mensen in de wereld van vandaag misbruiken hun Geld, Macht en Aanzien om eigen aanzien te vergroten.
De rentmeester in de evangelielezing misbruikte aanvankelijk zijn geld, macht en aanzien om de rijken te dienen ten koste van de armen. Later gebruikte hij zijn Geld, Macht en Aanzien om de armen te dienen.
Eerst diende hij de rijkdom, later diende hij God.

U en ik, wie dienen wij? Dit is een uitdagende vraag voor ons allen.
Laten we bidden en proberen evenals de rentmeester creatief te zijn en ons met liefde en solidariteit in te zetten voor de kinderen van God en voor Zijn Koninkrijk op aarde.
Amen.

Arockiadoss B. o. praem