23 september 2018: Oecumenische viering. Vredeszondag
Wijsheid 2,12.17-20 en Marcus 9,30-37
VERKONDIGING
Gemeente van onze Heer Jezus Christus,
Voordat het seizoen van de moessonregens zou beginnen, begon een oude man in zijn tuin te graven. Wat doe jij, toch? zei zijn buurman. Ik plant mangobomen. Ach man, waarom zou je, je bent al zo oud. Verwacht jij nog de vrucht van deze bomen te kunnen eten?
Nee, daarvoor zal ik niet lang genoeg meer leven. Maar degenen die na mij komen wel. Ik realiseerde me ineens dat ik al mijn hele leven mango’s eet van bomen die door anderen zijn geplant. Dit is mijn manier om aan hen dank te betuigen.
Mango’s eten, dankzij de vorige generatie. Mangobomen planten voor een volgende generatie. Welke mango’s eet u?
Ik bedoel. Wat neemt u mee van een vorige generatie? Op wiens schouders staat u?
Ik dank heel veel aan mijn ouders. Geloof en kerkelijke betrokkenheid is ons met de paplepel ingegoten. We woonden op een boerenbedrijf. Dichtbij de natuur. Leven van de wind. Afhankelijk. Niet bang zijn, vertrouwen hebben, hard werken, maar ook relativeren. Humor, en heel belangrijk, genieten! Ik werd aangemoedigd om verder te kijken dan ons eigen erf of dorp. Een stevige basis, in heel veel opzichten, daar pluk ik nog elke dag de vruchten van.
Jakobus stelt in zijn brief een alledaags probleem aan de orde: conflicten en strijd. Dat is nu (helaas) niet anders dan toen. Ruzie en oorlog ze teisteren ons leven. Hoe ga je er mee om? Jakobus stelt twee levenshoudingen tegenover elkaar. Aan de ene kant een mens die altijd van zichzelf uit gaat. De egoïstische levenshouding. Deze mens wordt vriend van de wereld en vijand van God genoemd. Deze mens blijft op zichzelf betrokken. Dat kan zelfs met een religieus of intellectueel sausje eroverheen. Maar Jakobus prikt hier doorheen. Gebed en een mooi verhaal kunnen net zo goed onderdeel zijn van een egoïstische houding.
Daar tegenover stelt hij een levenshouding die geïnspireerd wordt door ‘wijsheid van boven’. Deze wijsheid is betrokken op de gemeenschap, op een goed samen leven. Mensen worden recht gedaan, er is levensruimte voor iedereen. “De vrucht van de gerechtigheid wordt in vrede gezaaid door vredestichters”.
We herkennen deze eigenschappen uit de verkondiging van Jezus. Ware gerechtigheid omvat meer dan geboden, beloning en straf. Het gaat om een houding die goed leven voor allen, ook zwakken, ook tegenstanders mogelijk maakt. Dat is de wijsheid die bij God hoort.
Jezus is met zijn leerlingen onderweg hij wil ze iets leren. Hij vertelt dat hij moet lijden en sterven, maar na drie dagen zal hij uit de dood opstaan. De leerlingen begrijpen deze uitspraak niet, maar durven geen vragen te stellen.
Waar hadden jullie het eigenlijk over, onderweg?
Nu durven de leerlingen weer niets te zeggen. Het is ook te gênant voor woorden. Want ze hadden ruzie gemaakt over de vraag wie van hen de belangrijkste was.
En hij zei tegen hen: Wie de belangrijkste wil zijn, moet de minste van allemaal willen zijn en ieders dienaar. Het gaat niet om jou en jouw belangen. Loslaten dat eigenbelang. Jij bent niet het middelpunt. De eerste is de laatste, een meester is nooit meer dan zijn knecht. Wanneer je leidinggeeft doe dat in dienstbaarheid. Dat is de levenshouding die Jezus voorstaat.
Hij maakt het meteen zichtbaar.
En Jezus pakt een kind op en zette het in hun midden neer. Hij sloeg zijn arm er omheen en zei tegen hen: Wie in mijn naam één zo’n kind bij zich opneemt, neemt mij op en wie mij opneemt, neemt niet mij op, maar hem die mij gezonden heeft.
Mooi beeld, dat kind in het midden.
Dat kind staat voor kwetsbaarheid. Hoe kwetsbaar kinderen zijn hebben we de afgelopen week gezien en gehoord. In Oss, in Papendracht en in Teheran. Een kind bepaalt ons bij de kwetsbaarheid van het bestaan, tegelijk is een kind het beeld voor hoop. In Oss staan na het vreselijke treinongeluk van vorige week, kinderen centraal. Het brengt verbondenheid, barmhartigheid en vrijgevigheid tot stand. Een kind bepaalt ons bij kwetsbaarheid, verlangen, aandacht en hoop.
Jezus stelt een kind centraal.
Wat wil jij centraal stellen? In de kerk, in je leven, in je werk? In hoeverre pluk je wat dat betreft de vruchten van de generaties voor jou? En wat wil je doorgeven aan de volgende generatie? Het is nooit te laat om een mangoboom te planten. Een volgende generatie zal de zoete vruchten genieten.
De levenshouding die Jakobus aanbeveelt is zuiver, vredelievend, mild en meegaand. Rijk aan ontferming, onpartijdig en oprecht.
Het resultaat is er nog niet meteen. Jakobus is realistisch. Er wordt in vrede gezaaid, langzaamaan zullen steeds meer vruchten groeien. Ook voor de volgende generatie.
Amen.
Ds. Ruth Jellema, Protestantse Gemeente te Tilburg en omstreken.

