26-07-2015 (B) 17e Zondag door het jaar
26 juli 2015: 17e Zondag door het jaar
2 Koningen 4,42-44 en Johannes 6,1-15, B-Jaar
Goede zusters en broeders,
Donderdagmorgen. Ik zit in de wachtkamer van de tandarts. We zijn er met z’n zessen. Vijf van de zes zijn met hun mobieltje bezig. Ikzelf heb niets om handen. Ik denk: onbekend maakt onbemind. Heel die wereld van de sociale media ontgaat me een beetje! En dan hoor ik de mensen zeggen: er is geen provider in de buurt, of: dat restaurant heeft geen wifi. Misschien moet ik het allemaal gaan leren kennen en dan kan ook ik de waarde en de zin van de sociale media ontdekken. Nu nog: onbekend maakt onbemind!
Iedere zondag mogen wij hier spreken over een jonge joodse man, die 2000 jaar geleden rondzwierf in zijn land en die daar met woorden en tekenen veel aandacht trok. Jezus uit Nazareth. Kunnen wij hem nog volgen, of is het ook zo: onbekend maakt onbemind? Moeten we niet iets opdoen van de cultuur van zijn land, over de taal van zijn volksgenoten, en als we dat kennen, kunnen we wellicht meer van hem gaan houden en kunnen we zijn boodschap beter verstaan?
In zijn spreken had hij iets van de profeten van zijn volk. Met jeugdig enthousiasme het kwade signaleren en een oproep doen tot een ander, beter leven. Hij gebruikte de taal van zijn volk. Zijn volk dat hield van beelden en tekenen. Zij zagen iets in dromen en visioenen. En hun verhalen waren geen historische beschrijvingen, maar een beeldende taal.
Wij kennen ook zoiets. Als ik zing: mijn roosje, mijn roosje, dan gaat het niet over een bloem in de tuin, maar over een knap meisje of een lieve vrouw. De roos is het beeld. De roos is het teken. Als we door de vele verhalen over Jezus ons hebben opgetrokken tot zijn manier van spreken en denken, dan kunnen we hem gaan begrijpen en van hem gaan houden.
En daar is hij dan: die jonge joodse man. Hij ging naar het meer en een grote menigte volgde hem. De grote menigte was er vanwege de tekenen, die hij deed. En dan het verhaal. Alle evangelisten vertellen het! De menigte mensen raakt moe op het eind van de dag en hun knapzakken zijn leeg. En dan Jezus, een mens met een hart. Hij raakt door medelijden bewogen. Tot zijn vrienden: we moeten hen te eten geven. Maar hoe? Er is hier nog een kleine jongen met
5 gerstebroden en 2 vissen. En dan volgt de explosie van het wonder. Als je het weinige deelt met elkaar, dan kun je nog veel mensen gelukkig maken.
Jezus produceert geen grote goocheltruc, maar hij stelt een teken om te leven: om te leren dat je te eten hebt, dus leven hebt, als je weet te delen. Delen wat je hebt en wat je bent. Het is tegelijkertijd een aanval op de hebzucht en de ‘ikke-het-eerst’-mentaliteit.
Een voorbeeld uit onze samenleving. Met 30 euro kun je voor jezelf een drie-gangendinertje verorberen, maar je kunt ook 20 personen blij maken met een softijsje. Heerlijk, die 20 blije gezichten.
Het is een hele operatie. Al is het maar weinig, met het delen van dat weinige kunnen velen verzadigd worden. Delen van wat je bent en wat je hebt.
Boodschap van die joodse man. Toen in een wereld met hebzucht en sociale ongelijkheid. Raap de brokken op: want ook morgen is die mentaliteit belangrijk. En via dit boek: ook in onze wereld van 2015: hebzucht en ongelijkheid. Deel wat je bent en wat je hebt.
En je hoeft niet aan grote dingen te denken. In het verhaal van Jezus ging het ook maar over 5 gerstebroodjes. Gerstebrood was het brood der armen. Eigenlijk bestemd voor paarden vanwege de voedzaamheid. Ja, zelfs het kleine, het brood der armen, draagt – gedeeld en wel – bij aan een nieuwe wereld.
Met de delende mentaliteit in het leven staan, dat wil Jezus over zichzelf vertellen. Met het teken van de broodvermenigvuldiging wordt het beeld van die joodse man verduidelijkt. Het is meer dan een foto! En dan is er nog iets dat ons een totaalbeeld van Jezus geeft.
U hoorde het. Jezus nam de gerstebroden en alvorens ze te laten uitdelen, sprak hij een dankgebed. Die joodse man doet alles wat hij wil doen voor het aanschijn van God. Bij God moet het teken beginnen en dan lukt het ook!
Als wij, u en ik, zin krijgen in die mentaliteit van Jezus, delen wat je hebt en bent, dan hebben we extra hulp nodig, een duwtje in de rug. Daarom, net zoals Jezus. Goede God, Vader van alle mensenkinderen, help ons om iets moois te doen, delen, delen tot eer van Uw naam, tot heil van de mens.
Amen.
Wim Manders o.praem

