2 en 3 november 2019: 31e Zondag door het jaar

Wijsheid 11,23-12,2 en Lucas 19,1-10, C-Jaar

VERKONDIGING

Vreugde

Gisteren Aller Heiligen en vandaag Aller Zielen vieringen. In onze parochie vieren wij ze al jaren op 1 november waarbij de nadruk ligt op Allerzielen. Stil staan bij die ons ontvallen zijn en in het bijzonder diegenen die dit jaar van ons zijn heen gegaan. Jong als een baby’tje of als oude mannen en vrouwen. Heel dichtbij of iemand van horen zeggen. Ergens zijn wij geraakt, voelen wij die pijn van het gemis. Die pijn die niet afschuifbaar is maar die gevoeld moet worden, elke dag op nieuw. Pijn waardoor mensen koud worden als sneeuw en ijs, onbereikbaar voor warmte. Die pijn die alleen maar kan slijten en een plek kan krijgen als wij mensen woorden horen over het leven. Woorden die verhalen vertellen van hoe het was, wat we herinneren zodat we een glimlach om de mond kunnen krijgen en denken: o ja zo was het.
Ik stond gisteravond in mijn habijt met één van mijn zonen aan het graf van mijn overleden vrouw. Hand in hand. Plaatste de meegebrachte fakkel bij het graf en hebben gezwegen en daarna zachtjes gelachen over wat zij gezegd zou hebben. We konden naar huis, naar de koffie. Het was goed.

En dan die God van ons? Speelt die ook nog een rol en is die God verantwoordelijk voor zo’n gevulde dodenakker? Moeten wij die God aanrekenen dat ons Kind dood is. Is die God verantwoordelijk voor de dood van mijn vrouw of man? Hebben wij zoveel misdaan dat wij hiervoor gestraft moeten worden met zoveel pijn? Ik kan dit niet geloven! Een God van liefde laat zijn mensen niet zo pijn lijden. Een God van mensen wil er zijn voor zijn mensen. Die God in wiens handpalm wij geschreven staan laat ons niet los. Zegt ook dat Hij ons nooit los zal laten. Die God, onze God.

Luisteren wij naar de woorden van vandaag in de eerste en tweede lezing dan horen wij daarin toekomst. Horen wij Hoop, horen wij verbinding.

In het boek van de Wijsheid die mooie woorden over onze God. Woorden als wij die horen dat onze mondhoeken een beetje omhoog kunnen staan. Woorden die ons zeggen dat onze God een goede God is. Dat wij mensen mogen vertrouwen op die God van mensen. Want wij zijn evenbeeld van de schepping, gevuld met uw vertrouwen.

Bij Lucas horen wij dat prachtige verhaal over die Tollenaar, Zacheüs. Die man van de blauwe enveloppen uit zijn tijd. Die wist dat Jezus zou komen en wist dat hij te klein zou zijn om Jezus te kunnen zien. Hij klom in de boom en wachtte de komst van de Heer af. Jezus zag hem en riep: “Zacheüs kom uit de boom ik wil in jouw huis zijn”. Hij kwam uit de boom en liet Jezus binnen. Men sprak er schand van! Binnen gaan bij zo’n man. Zij oordeelde over Zacheüs zonder dat ze iets van hem wiste.

Niets wisten zij over hoe zijn levensweg was. Alleen dat hij een Tollenaar was, een rijke Tollenaar. Er daar vonden ze iets van. Jezus daarentegen kwam binnen en legde zich aan. Bij deze man zou hij blijven. Eten en slapen, zou hij gast zijn als of hij thuis was.

Was Zacheüs zonder zonden? Het lijkt mij sterk voor een mens die midden in het leven staat. Zonder zonden zijn. Maar voor Jezus geen punt. Bij deze man was hij thuis.

Zou het niet heerlijk zijn als wij in onze boom zaten en een goddelijk iemand naar ons zou roepen: “Hé jij daar, kom uit de boom, ik wil bij jou zijn”. Ik zou van grote trots uit de boom springen en de eerste dagen niet meer met mijn voeten op de grond komen maar zwevend mijzelf verplaatsen. Ik die geroepen zou zijn door het Goddelijke.

Gekozen terwijl ik een zondig mens ben!

Zo moet het ook voor Zacheüs zijn geweest. Een zondig mens en toch zo’n bezoek. Mag het een uitnodiging voor ons zelf zijn, wij zondige mensen. Wij, mensen die gericht zijn op God, stellen ons hart en oren open. Stellen de ringleidingen om ons heen opnieuw in. Wij worden geroepen, elke dag opnieuw. Maar kunnen wij het verstaan, luisteren wij met het goede oor. Of denken wij er is geen God of ik ben te klein mij zal Hij wel niet roepen?

Die God van Liefde is er altijd zelfs in onze zwartste momenten, als er alleen maar een speldeknop licht is dan is die God er. Aan ons om te kijken en te nemen. Het kleinste der kleinste is het mooiste wat we kunnen vinden. Is weten dat jij gezien bent. Is horen: Zacheüs kom uit de boom, is horen Piet Sjef Marieke Karin kom uit de boom, “ik wil bij jou thuis zijn”.

Amen.

Jan Claassen, participant Norbertijnen